interview

Waarom artsen bekkenbodemschade na een bevalling vaak niet kunnen voorkomen

Waarom artsen bekkenbodemschade na een bevalling vaak niet kunnen voorkomen

In LINDA. 156 schreef journalist Marije Veerman een opzienbarend stuk over bekkenbodemschade na een bevalling. Gynaecoloog Martijn Oudijk schrok daarvan toen hij het artikel las.

| Tim van Erp

Samen met zijn collega Jan-Paul Roovers van het Amsterdam Medisch Centrum, gespecialiseerd in bekkenbodemgynaecologie, erkent hij de problematiek – maar wil hij ook enkele kanttekeningen plaatsen. LINDAnieuws sprak de twee.

Lees ook
Tessa (35), twee maanden na de bevalling: ‘Het was echt een gapend gat daarbeneden’

In overleg
Op een avonddienst in het AMC kreeg Martijn, gespecialiseerd in hoog risico-zwangerschappen, het artikel onder ogen. “De auteur kaart een serieus probleem aan, maar ik schrok van de toon van het stuk”, vertelt hij. “Het lijkt alsof gynaecologen en verloskundigen heftige beslissingen nemen, een vacuümpompverlossing bijvoorbeeld, zonder goed over de gevolgen na te denken. En dat is niet zo. We bespreken alles uitgebreid in ons team.”

Martijn:

Martijn Oudijk

Klacht indienen
Op het einde van het artikel in LINDA. schrijft Veerman: ‘En de eerstvolgende verloskundige of gynaecoloog die een zootje maakt van een bevalling? Dien een klacht in.’ Jan-Paul: “Wat veel mensen niet begrijpen, is dat veel van de bekkenbodemschade bij een bevalling niet te voorkomen is. Mensen hebben er aanleg voor. Het is wél zo dat de kennis over en aandacht voor het probleem kan worden verbeterd, bij verloskundigen, gynaecologen en huisartsen.”

Beter opletten?
“Veel vrouwen zoeken jaren naar een oplossing voor hun klachten”, erkent Martijn. “Dat is niet nodig: we moeten ervoor zorgen dat zij beter weten waar ze terecht kunnen én beter geholpen worden.” Jan-Paul vult aan: “Wat dat betreft zijn we heel blij met het artikel. Eindelijk is er aandacht voor deze problemen. Maar het is dus niet zo dat we die kunnen voorkomen als je als arts een beetje beter oplet.”

Jan-Paul:

Jan-Paul Roovers

Totaalruptuur
In het LINDA.-artikel wordt ook het voorbeeld van Sulmaz aangehaald, wier gynaecoloog een keizersnee ‘niet nodig achtte’ nadat zij aangaf te vermoeden dat er een ‘enorm kind’ in haar buik zat. Vervolgens had zij een totaalruptuur. “Vooraf inschatten of een bevalling gaat lukken is eigenlijk onmogelijk”, zegt Martijn. “Niet alleen is het moeilijk om te weten hoe groot een kind zal zijn, maar het verschilt ook per vrouw wat zij maximaal kan dragen.”

Pas na jaren klachten
Wat de situatie moeilijker maakt, is dat er vaak een aantal jaar zit tussen een bevalling en de daaropvolgende klachten. “Veel problemen doen zich pas voor in de overgang”, zegt Jan-Paul. “Ze zijn dan wel tijdens de bevalling ontstaan, maar omdat de bekkenbodem nog relatief jong is, merken de vrouwen het dan nog niet.”

Nacontrole
Als bij de nacontrole beter aandacht wordt besteed aan hoe de bekkenbodem werkt, kan dat voorkomen worden. “Dat is geen ingewikkeld onderzoek, een arts kan met zijn vingers al voelen of iemand haar spieren kan aan- en ontspannen. Nu kijken artsen vaak hoe het eruit ziet, maar niet naar hoe het functioneert.”

Lees ook
Deze vrouw dacht te bevallen van één kind… het bleken er vier

Grijs gebied
Zes weken na de bevalling worden vrouwen gecontroleerd, maar veel van hen ervaren dan nog geen klachten. Er is dus een ‘grijs gebied’ tussen de nacontrole en wanneer eventuele problemen aan het licht komen, en dat moet anders. Daarom komt er binnenkort een speciaal zorgprogramma: een bekkenbodem-herstelpoli, waarbij gynaecologen uit het AMC samenwerken met Bergman Clinics. “Vrouwen die vermoeden problemen met hun bekkenbodem te hebben, kunnen daarheen om dat te laten checken en te bekijken of de schade herstelbaar is”, legt Jan-Paul uit.

Taboe en angst wegnemen
“Er rust nu nog een taboe op het aankaarten van dit soort problemen”, vervolgt hij. “Dat hopen we hiermee weg te nemen.” Daarnaast hopen de mannen ook te laten zien dat er aandacht is voor dit soort gezondheidsproblemen – en dat gynaecologen, verloskundigen én hun collega’s zich ook bijzonder hard inzetten voor alle patiënten. “We willen niet dat er angst ontstaat bij zwangere vrouwen”, benadrukt Martijn. “Dat zij vlak voor hun bevalling alleen maar bang zijn dat wij ons best niet doen. Want dat doen we zeker wel.”

NIEUWS | INTERVIEW | GEZOND | LINDA.156 LOVE GAME

Bron: LINDAnieuws | Foto: Marieke de Lorijn / Aangeleverd

Foutje gezien? Mail ons. We zijn je dankbaar

Reacties

Meer interview

Meest gelezen

Meer interview

Lees dit ook even

Meer interview

Please update your browser